Auteursarchief: Buur

Norwegian wood

Haruki, Murakami – Norwegian wood

Norwegian wood van de Beatles klinkt. Door het lied wordt de volwassen Watanabe als het ware teruggeplaatst in zijn studententijd. Die studententijd begint rond de zelfmoord van Kizuki, zijn beste vriend. De zelfmoord van Kizuki is in het boek als ondertoon alom aanwezig.

Naoko, de vriendin van zijn overleden vriend, en Watanabe zijn in die tijd emotioneel op elkaar aangewezen. Omdat het praktisch niet mogelijk is om bij elkaar te zijn, schrijven ze elkaar.  Ze zijn op afstand van elkaar met huid en haar aan elkaar verbonden. De brieven zijn bepalend voor het verhaal; het zijn juweeltjes. De liefde die Watanabe voelt voor Naoko is immens. Angsten, eenzaamheid en liefde worden zo beschreven dat ik als lezer meteen meega. Zo zouden die dingen inderdaad kunnen gaan.

De studententijd overkomt Watanabe. Hij lijkt geen vat op te hebben op alles wat op hem afkomt. Het leven leeft hem. Er is liefde, verdriet, eenzaamheid, drank en sex. Het is een tijd waarin boeken en muziek terugkerende rustpunten zijn. Naoko verdwijnt. Watanabe vindt haar uiteindelijk terug in een kliniek. Ze brengen een paar intense dagen met elkaar door. Diepgaande gesprekken, hunkerend naar elkaar. Herinneringen blijken te vervagen, tegelijkertijd zijn ze bepalend en blijven ze aanwezig.

De twee delen de angst om herinneringen helemaal te verliezen, in een gat te vallen waar ze niet meer uit komen. Terug op de campus ontmoet Watanabe Midori. De twee krijgen een relatie. Midori heeft volop energie, levenskracht. Ze sprankelt, is impulsief. De twee trekken elkaar aan, stoten elkaar af; stoppen en beginnen de relatie weer. De briefwisseling met Naoko gaat ondertussen gewoon door.

Een van de belangrijkste vragen die Watanabe zichzelf stelt is of je van de ander kunt houden terwijl je grote liefde voelt voor een derde. Watanabe stelt vragen waarop hij geen eenduidende antwoorden kan geven.

Een boek met onder de woorden verborgen levenswijsheden.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Boeken, eBooks, Fiction, Literatuur, Recensies

Extreem luid & ongelooflijk dichtbij

Foer, Jonathan Safran – Extreem luid & ongelooflijk dichtbij

De vader van Oskar is omgekomen bij de aanslagen op het WTC. In de zijlijn van het verhaal waan je je in de nadagen ervan en deze maken het verhaal loodzwaar. Foer weet echter op een briljante manier lucht in het geheel te brengen.

De negenjarige Oskar – hoofdpersoon in het boek – is een ‘Groot Ontdekkingsreiziger’ en uitvinder, ontwerper, francofiel, slagwerker, schrijver, archeoloog, verzamelaar en meer. De jongen is puur, eerlijk en soms heerlijk kinderlijk rechtlijnig. Hij vindt in een vaas, erfstuk van zijn vader, een sleutel. Bij een sleutel hoort een slot, redeneert hij, dus gaat hij op zoek. De naam Black is zijn enige aanknopingspunt en hij besluit iedereen in New York met die achternaam te bezoeken. De zoektocht is een tocht vol ontmoetingen; ontwapenend, hilarisch, grappig, lief, onverwacht; ongeloofwaardig geloofwaardig.

Of de man die niet praat echt bestaat, is niet relevant, hij is aanwezig. Naast oma is hij een van de vaste steunpilaren van Oskar. Het verhaal van opa en oma plaatst de zoektocht van Oskar in een grotere context, een lijn die teruggaat naar het Duitsland vlak voor de tweede wereldoorlog waar opa en oma elkaar ontmoet hebben of lag het toch anders?

Oskar zit vol uitersten, er zijn geen grijstinten. Soms is hij intens verdrietig, daarna vol levenslust. Hij is een irritante wijsneus, een filosoof, een denker en realist tegen beter weten in. Hij berekende dat het zoeken naar het slot eigenlijk – alleen al in tijd – een onbegonnen taak is, en gaat toch beginnen.  

Foer spint het denken van Oskar uit. Heerlijk lang tegen het langdradige af volg ik als lezer de kronkels in het denken van het veel te slimme kind. Oskar is op zoek; ik als lezer moet zoeken om verbanden te blijven zien. Het genot van nakauwen, terugbladeren en herlezen. Geen boek dat ik even tussen de bedrijven door kan lezen. Ik moet mijn hoofd erbij houden anders ontgaat me te veel. Dit boek is van een ongekende schoonheid! Een eerlijk zoeken naar hoe om te gaan met intens verdriet vanuit een enorme levenskracht. Absoluut waard om gelezen te worden.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Boeken, eBooks, Fiction, Literatuur, Recensies

’t Hooge Nest

Iperen, Roxane van – ’t Hooge Nest

De tweede wereldoorlog. Twee Joodse zussen Lien en Janny Brilleslijper verzetten zich tegen alle maatregelen gericht tegen de Joodse bevolking.

Het wordt steeds duidelijker dat de Joden weggevoerd worden om te worden vermoord. Op zoek naar schuiladressen komen de zussen terecht in ’t Hooge Nest’, een huis buiten Naarden waar ze zich veilig wanen. Natuurlijk worden ook de zussen verraden en afgevoerd. Als je het leven kunt noemen is het leven in het kamp onmenselijk.

Knap van de schrijfster, Roxane van Iperen, dat ze met korte teksten een wereld oproept zonder die uitgebreid te beschrijven. Ze schrijft alleen het relevante. Met korte beschrijvingen wordt mijn geringe kennis van de oorlog inhoudelijk verdiept, voelbaar verdiept, zeker na het verraad misselijkmakend verdiept.

Tot aan het verraad is het verhaal van de zussen bloedstollend spannend. De zussen zijn de NSB’ers en de Duitsers te slim af, kruipen meerdere keren door het oog van de naald, hebben geluk en hebben net op tijd noodzakelijke informatie. ’t Hooge Huis is een toevluchtsoord voor iedereen die op de vlucht is. Hartverwarmend hoe mensen elkaar hielpen, hun leven riskeerden, oplossingen bedachten en er voor elkaar waren. Hoe harteloos de Jodenjagers en het systeem dat verordende dat het probleem in de ogen van de nazi’s opgelost diende te worden. Het verraad komt sluipend nabij. Het wachten is op het moment dat het fout gaat.

Het verhaal wordt gruwelijk op het moment dat de zussen verraden zijn. Het benam mij de adem, ik moest het boek meermalen wegleggen. Mijn eigen verbeelding ging met mij aan de loop. De treinen, de kampen … weerzinwekkend, onmenselijk, gruwelijk, wreed. Schokkend. Hoe bestaat dit? Hoe kon dit gebeuren? Wat ben ik naïef te geloven in het goede van de mens.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Boeken, eBooks, Non-fiction, Recensies

Het zoutpad

Winn, Raynor – Het zoutpad

Ze stopten alle liefde, al hun geld, alle tijd en energie in het huis van hun dromen. Ze herbouwden en herstelden het in oude luister. Dan komen de deurwaarders de sleutels opeisen en zijn ze alles kwijt. Raynor en haar partner Moth nemen, omdat ze ook niet weten hoe het verder moet, het besluit om het South West Coast Path te gaan lopen. Raynor Winn beschrijft een waar gebeurd verhaal.

Mijn vriendinnen zijn lyrisch over het boek. De moed hebben alles achter je te laten, de veerkracht van mensen, de kracht van doorgaan, zeiden ze. Benen bewegen als een metronoom, zoiets zegt Winn over het lopen.

Er zitten een paar heel leuke ideeën in het boek. Een vondst is de term ‘virtueel eten’. Geen geld voor een uitgebreid gevarieerd maal, maar dagelijks hetzelfde smakeloze, maakt trek en vol verlangen. Het gevolg is dat er constant aan eten gedacht wordt. Uiteindelijk bestellen ze een zak patat, het verlangen is te groot. Het virtuele eten bevredigt niet. Zo invoelbaar.

Winn laat mij echter niet verlangen naar het patatje of pasty, ze krijgt me niet mee in haar verlangen, ze roept voor mij de dwingende geur van het door hen zo begeerde voedsel niet op. Grappig is het idee van persoonsverwisseling. Soms wordt Moth op de tocht voor een beroemdheid aangezien. Of het uit geldnood voortkwam of uit baldadigheid: Moth draagt vol overgave en met succes op een gegeven moment in het openbaar een tekst voor.

Ik verlang naar meer dan een handvol woorden. Hoe heerlijk zou het zijn om juist het verrassende, het onverwachte van de tocht in geuren en kleuren te vertellen. Winn geeft mij te weinig om een beeld te vormen van haar gedachten, van haar gevoelens, van wat er om haar heen gebeurt en te zien is. Haar woorden geven mijn verbeelding geen houvast. Ik kom tijdens het lezen niet in de cadans van de beweging, verlang niet naar een maaltijd en voel niet de behoefte om het ongetwijfeld fraaie pad te gaan lopen. Winn neemt mij niet mee.

“Als je niet terug hoeft, ben je vrij. Vrij om verder te lopen of niet”. Raynor en Moth volbrengen de tocht, daar is bewonderingswaardig doorzettingsvermogen voor nodig. Raynor had beter zoiets als …als je niet terug kunt, moet je verder …  kunnen schrijven, dat doet meer recht aan hun prestatie.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Boeken, eBooks, Non-fiction, Recensies