Aw, Tash – Het zuiden
Jay gaat met zijn ouders mee naar de boerderij die zijn moeder van haar vader heeft geërfd. De boerderij is vervallen en de landerijen hebben zwaar geleden onder de droogte.

Het is eigenlijk niet de vraag of de boerderij verkocht moet worden, rendabel maken lijkt onmogelijk. Op de boerderij ontmoet Jay Chuan, zoon van de opzichter.
Het is interessant hoe Tash Aw de onderlinge relaties beschrijft. Binnen de traditionele Chinese traditie is de vader duidelijk de dominante factor in de familie, moeder heeft, ondergeschikt aan vader en de kinderen, te gehoorzamen. Meisjes en jongens hebben duidelijk verschillende rollen.
Op de boerderij heeft Jay wat meer ruimte om aan vader te ontsnappen. Jay drinkt met Chuan zijn eerste biertje, rookt met hem zijn eerste sigaret en leert van hem brommer rijden. Ze voelen zich tot elkaar aangetrokken: een beginnende liefde ontstaat.
De vader vertrekt voor een paar dagen, onduidelijk is waarheen. De moeder vermoedt dat hij naar zijn tweede vrouw gaat waarbij hij nog een kind heeft. Hoewel moeder op het punt staat dit aan haar kinderen te vertellen, houdt zij haar mond. Als er niet over gesproken wordt, bestaat het immers niet. Het wordt ingewikkeld als de vader als wiskundedocent ontslagen wordt.
Ondanks dat Aw de gevoelens en gedachten van de hoofdpersonen beschrijft, blijven de figuren vaag. Ik krijg geen vat op ze. De beschrijving van Jay’s ontluikende homoseksualiteit vind ik clichématig beschreven ondanks mooie passages. Het verhaal vind ik te zwaar om te lezen, somber en mistroostend. In dit moeras kun je alleen maar dieper wegzinken.










